Natuur tussen Maas en Rijn beleven!



Startpagina.
Algemene informatie over de Eifel.
Excursies en lezingen.
Deelgebieden:
-
Eifel
-Limburg
Natuurreservaten en wandelgebieden.
Geschiedenis van de Eifel.
Archeologische plekken.
Historische plaatsen.
Water in de Eifel.
Geologie van de Eifel.
Oude ambachten.
Mijnbouw & oude
industrie.
Paddenstoelen.
Wildparken & Musea.
Feesten.
Heiligen.
Wandelroutes.
Kinderwagenwandelingen.
Links.
Over ons.
Contact/Colofon.
Fotopagina´s.
Alfabetisch register
Naar de Duitstalige sites/ Zu den deutschen Seiten.













Landskrone.

Ligging: Kreis Ahrweiler, tussen Bad Bodendorf en Heppingen.
Oppervlakte: 5 hectare.
Onder bescherming sinds: 1943.
Hoogteligging: 271 meter boven N.N.

Algemeen.

De Landskrone is een van de oudste natuurreservaten in de Kreis Ahrweiler. Het gebied ligt bovenop een vulkaankrater en kent een thermofiele flora en fauna. Bovenop de top ligt de ruïne van de Reichsburg Landskron. Ietwat verder naar onder ligt de fraaie 11e eeuwse Jungfrauenkapel Maria Hilf. Vanaf de Landskrone is het uitzicht op het Ahrdal prachtig. Enkel het viaduct van de A61 vormt een storend element in het landschap.

Geologie.

De Landskrone is een voormalige vulkaan. De binnenkant van de vulkaan is als een basaltkegel overgebleven, terwijl de rest van de vulkaan grotendeels is weggeërodeerd. De Landskrone is 270 meter hoog en steekt daarmee circa 190 meter boven het dal uit.

Historie.

De Landskrone werd in 1206 in opdracht van Philipp von Schwaben, de jongste zoon van Keizer Friedrich Barbarossa, gebouwd. De burcht had een belangrijke functie, ze lag op een hoge berg aan de rand van het Ahrdal. Van bovenaf kon zonder veel moeite de verre omgeving overzien worden. Daarnaast lag ze aan de rand van de keizerlijke heerstraat tussen Aken en Frankfurt. In de 30-jarige oorlog werd ze meermaals belegerd. In 1677 veroweste een brand het hoofdgebouw. In 1682 liet Herzog Wilhelm von Pfalz-Neuburg, Keurvorst in de Pfalz, de vesting opblazen.
In 1798 kreeg Heinrich Friedrich Karl vom und zum Stein de burcht in handen. Op de fundamenten van de burcht werd toen een restaurant ontwikkeld. Dit werd in 1949 door brand verwoest en sindsdien niet meer herbouwd.

Flora.

Op de zuidhellingen van de Landskrone wordt wijnbouw bedreven. Tussen de wijnranken groeit Gewone ereprijs (Veronica persica), Gewone reigersbek (Erodium cicutarium) en Klein kaasjeskruid (Malva neglecta).
Hogerop groeit een fraai loofbos. De dominerende soorten hier zijn Haagbeuk (Carpinus betulus) en Zomereik (Quercus robur). Ertussen groeien ook nog andere soorten als Zoete kers (Prunus avium), Zomerlinde (Tilia platyphyllos); Ruwe iep (Ulmus glabra), Gewone esdoorn (Acer pseudoplatanus) en de niet-inheemse Robinia (Robinia pseudo-acacia). Opvallend is dat het merendeel van de Haagbeuken en Zomereiken meerstammig vanuit een dikke stronk uitbot. Dit duidt op het vroegere gebruik als hakhout. De meeste stammen zijn inmiddels al behoorlijk dik geworden, hetgeen erop wijst dat de laatste kapronde al enkele tientallen jaren terug ligt. De uitlopers van de Haagbeuken werden vroeger gebruikt als stokken om de wijn langs op te leiden.
De voorjaarsflora in het haagbeuken-eikenbos is behoorlijk rijk. Naast algemene soorten als Muskuskruid (Adoxa moschatellina), Overblijvend bingelkruid (Mercurialis perennis), Bosanemoon (Anemone nemorosa) en Speenkruid (Ranunculus ficaria) groeien er ook meer bijzondere soorten als Gulden boterbloem (Ranunculus auricomus), Voorjaarshelmbloem (Corydalis solida) en Bosgeelster (Gagea lutea). Bolletjeskers (Dentaria bulbifera) is een zeldzame kruisbloemige met vuilroze bloemen en in de oksels van de bovenste bladeren zitten paarsbruine broedbolletjes. De plant heeft ondergronds een vlezige, kruipende wortelstok die door het dikke humuspakket kruipt.
Kleine maagdenpalm (Vinca minor) begroeit ook grote delen van de bosbodem. Deze plant is zeer waarschijnlijk een relict van de voormalige kasteeltuin. Datzelfde geldt waarschijnlijk ook voor Wrangwortel (Helleborus viridis), een soort die vroeger als medicinale plant werd gebruikt. De plant sterf ´s winters bovengronds af en in het voorjaar verschijnen dan weer de heldergroene bloemdragende stengels met daartussen de bladeren. Gezien het rijke voorkomen van deze soort kan gerust gezegd worden dat ze goed is ingeburgerd.
In mei bloeit Zwarte rapunzel (Phyteuma nigra) met donkerblauwe bloemen. Ook groeit Aardbeiganzerik (Potentilla sterilis) in het bos.
Hier en daar liggen kleine graslanden of fraaie bermen, onder meer bovenop de Landskrone, maar ook aan de bosrand en tussen de wijngaarden. Daarin groeit onder meer Wilde marjolein (Origanum vulgare), Glad walstro (Galium molugo) en Muizenoortje (Hieracium pilosella). Een bijzonderheid is Sikkelgoudscherm, een schermbloemige met onopvallende gele bloemen. De sikkelvormige, melig bestoven blauwgroene bladeren zijn een eenvoudiger kenmerk.
In maart bloeien de violetblauwe bloemen van het Ruig viooltje (Viola hirta). Een bijzonderheid is de Bokkenorchis (Himantoglossum hircinum), een forse orchidee met een opvallende geur die enigszins aan een bokkengeur doet denken. Ruige scheefkelk (Arabis hirsuta) is eveneens een bijzondere kruisbloemige met een voorliefde voor kalkrijke bodems.
Langs de bosranden groeit Gevlekte aronskelk (Arum maculatum) en Maarts viooltje (Viola odorata).
Bovenop de burcht zijn van de fraaie nitrofiele flora die er eens groeide enkel nog Stinkende ballote (Ballota nigra ssp. foetida), Gevlekte scheerling (Conium maculatum) en Klein kaasjeskruid (Malva neglecta) overgebleven. Bilzenkruid (Hyoscamus niger) lijkt anno 2011 verdwenen te zijn.
Op de basaltrotsen groeien pollen Schapengras (Festuca ovina agg.), Wit vetkruid (Sedum album) en Slangenkruid (Echium vulgare).
Op de puinhelling net onder de burcht groeit Eikvaren (Polypodium vulgare), Robertskruid (Geranium robertianum) en Klimop (Hedera helix). Op Klimop parasiteert de zeldzame Klimopbremraap (Orobanche hhederae). Ook groeit er Vogelmuur (Stellaria media), Grote muur (Stellaria holostea) en Gele dovenetel (Lamium galeobdolon). Ook groeit er Wilde kruisbes (Ribes uva-crispa) met dikke groene bessen en Alpenbes (Ribes alpina) met omhoog wijzende trosjes bessen.


Fauna.



In de fauna op de Landskrone komt een aantal bijzondere soorten voor, waaronder de Koninginnepage (

Papilio machaon

) en de Koningspage (

Iphiclides podalirius

), die beide de bergtop gebruiken om te "hilltoppen". Dit betekent dat de dieren zich op een markant hoog punt verzamelen om zo een partner te vinden.
De Muurhagedis (

Podarcis muralis

) bewoont de kale rotsen waarin ze de smalle spleten om zich bij gevaar in terug ter trekken. Eén van haar vijanden hier is de Gladde slang (

Coronella austriaca

). De Grijze gors (

Emberiza cia

) is een vogelsoort die voorkomt in gebieden met een enigszins warm klimaat. 



Onderweg in het gebied.



Om de Landskrone te bezoeken kan je starten in Heppingen en vandaar het steile zigzagpad naar de top volgen. Daarbij heb je een goede indruk van het bos en kun je bovenop genieten van het uitzicht.
Een andere mogelijkheid is om te beginnen in Lohrsdorf en vandaar de Rotweinwanderweg volgen in de richting van Bad Neuenahr-Ahrweiler tot borden naar de top van de Landskrone wijzen. Daarna weer terug over de Heuberg. Zo krijg je ook nog de wijngaarden en de graslanden mee.



Tijd.



De beste tijd voor een bezoek aan de Landskrone zijn de maanden april, mei en juni. In het voorjaar bloeit op de bosbodem nog de rijke voorjaarsflora. Voor de bijzondere dagvlinders en orchideeën moet je er in mei-juni zijn.
Voor een bezoek aan het gebied zijn anderhalf tot twee uur voldoende.